De Vestingdriehoek: één dag, vijf plaatsen, drie provincies

Een actief dagje cultuur snuiven? Bezoek de Vestingdriehoek!De Vestingdriehoek is het gebied tussen de vestingen Gorinchem, Woudrichem, Zaltbommel, Slot Loevestein en Fort Vuren. Pak je fiets, stap op de pont, en je avontuur kan beginnen!

Veerpont en voetveer

Alle locaties in de vestingdriehoek zijn met elkaar verbonden door water. Vaar met de ponten van Riveer over de Maas, Waal, Linge en Merwede van vesting naar fort naar vestingstad. In het hoogseizoen stap je vrijwel ieder half uur op, en je fiets mag gratis mee. Boot gemist? De watertaxi staat voor je klaar, of neem het voetveer: een klein bootje, speciaal voor wandelaars. Het brengt je van Woudrichem naar Slot Loevestein en weer terug.

Woudrichem

Een pittoresk vestingstadje, waar de geschiedenis nog volop leeft. Maak een rondwandeling op eigen gelegenheid, of laat je alles vertellen over de rijke historie door een stadsgids.

Gorinchem

Gorinchem is de grootste vestingstad waar de stadswallen nog compleet van zijn. Maak een wandeling over de wallen, langs de Dalempoort, kanonnen en molens. Maar breng ook zeker een bezoek aan het bruisende stadscentrum!

Fort Vuren

Dit Torenfort werd gebouwd in 1845, als deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het fort is onlangs volledig gerestaureerd, en sindsdien in gebruik als horeca- en overnachtingsgelegenheid. Rondleidingen zijn mogelijk op afspraak.

Tip: Breng in het fort een bezoek aan WOII & Vliegeniersmuseum. Dit museum is onderdeel van de Route Tweede Wereldoorlog: Eerbetoon Geallieerde Vliegers Lingewaal

Slot Loevestein

Het beroemde kasteel waar Hugo de Groot uit ontsnapte. Met je persoonlijke sleutel kom je er alles te weten over het Slot, zijn geschiedenis en bewoners.

Zaltbommel

Ook Zaltbommel is een bezoek waard. Dwaal door het centrum, bezoek de St. Maartenskerk of het Stadskasteel. Sla in dit museum ook zeker de tentoonstelling over Fiep Westendorp niet over: de beroemde tekenaar van Jip, Janneke, Otje, Pluk van de Pettenflat en Pim & Pom.

Fiets van vestingstad Woudrichem naar vestingstad Heusden en geniet van het rivierenlandschap onderweg. Met deze afstappers is de route niet alleen afwisselend, maar ook nog eens heel verrassend door de geweldige verhalen die erachter verscholen liggen. Veel fietsplezier!

1 Vesting Woudrichem

De vesting van Woudrichem heeft een rijke historie en behoort tot een van de oudste stadjes in het land. Al rond het jaar 900 wordt Woudrichem genoemd in de bezittingen van het bisdom Utrecht. In 1356 kreeg het stadsrechten. Het heeft een belangrijke militaire functie gehad. Met Gorinchem en Loevestein vormde het als het ware een ijzeren driehoek. De vestingwerken zijn nog authentiek, zoals ze in opdracht van prins Willem van Oranje in 1584 zijn aangelegd. Diverse gebouwen herinneren hier nog aan. Pas in 1955 werd de militaire functie officieel opgeheven en kon Woudrichem zich buiten de wallen ontwikkelen. De visserij is belangrijk geweest, zoals in het Visserijmuseum te zien en horen is. Begin de fietstocht op een gezellig terras tussen of zelfs in  de prachtig bewaard gebleven monumenten.

2 Rijswijkse wiel

De Biesboschlinie heeft veel te maken gehad met overstromingen. Met vaak ernstige, vooral materiële gevolgen. In 1809 braken dijken door als gevolg van grote massa’s kruiend ijs. Zelfs koning Lodewijk Napoleon bezocht dit rivierengebied om zich van de situatie op de hoogte te stellen. In Rijswijk brak de Maasdijk door, waardoor aan de binnenzijde een wiel ontstond. Inmiddels, nauwelijks zichtbaar door het vele groen, ligt het in een fraai natuurgebiedje waar je af kunt stappen voor het maken van een ommetje. 

3 Hervormde kerk Giessen

Op een bijzondere plaats, in de vroegere uiterwaard, staat de hervormde kerk van Giessen. Het is niet de eerste kerk op deze plaats. Uit de bouwgeschiedenis van de kerk blijkt dat deze opvallende plaats te maken heeft met het ontstaan van de huidige loop van de Maas. Aanvankelijk was de kerk het middelpunt van het dorp. De stroom van de Maas vernielde de oeverwal en de bebouwing, waaronder het westelijk deel van het kerkgebouw. De huidige vorm van de kerk dateert uit 1856 en de laatste uitbreiding is van 1963. Het uurwerk valt op doordat het slechts één wijzer heeft.

4 Graf Jan Claessen in Andel

Op de begraafplaats achter de markante Romboutstoren met zijn stenen spits ligt het graf van een zekere Jan Claessen. Volgens de legende, die de inwoners van Andel graag levend houden, gaat het om de bekende trompetter uit het leger van de prins van Oranje waarover Rob de Nijs zingt. Of dat echt zo is, weet niemand. De gerestaureerde zerk vermeldt in elk geval dat een zekere Jan Claessen uit Andel op donderdag 5 oktober 1634 door een moordenaar uit Breda om het leven is gebracht. Het kapelletje bij de toren is tegenwoordig ‘het huis van Jan Claessen’.

5 Veerhuis De Zwaan in Andel

Aan de Hoge Maasdijk in Andel staat het voormalige veerhuis De Zwaan. Het deed ook dienst als herberg/logement en er werden rijtuigen verhuurd en gestald. Dat staat zelfs in het Frans op de gevel te lezen. Vroeger was hier een kabelpont naar Poederoijen en er was een aanlegplaats voor stoomboten die een geregelde dienst onderhielden naar Rotterdam en ’s-Hertogenbosch. Restanten van die aanlegsteiger zijn nog te zien. Het pand is als Rijksmonument sinds vele jaren als woonhuis in gebruik.

6 Kaaie Paole

Op de grens van Veen en Andel, staan deze twee bijzondere palen. In de volksmond zijn ze bekend als de Kaaie Paole of de Veense Palen. Ze geven de grens aan tussen het Land van Heusden en het Land van Altena. Op de rechterpaal is het wapen met het rad van het Land van Heusden en het jaartal 1798 te zien. Op de paal links staat het wapen van het Land van Altena met twee zalmen en het opschrift ‘Oud Land van Altena’. Dit rijksmonument markeert tevens de middeleeuwse grens van Holland en Brabant.

7 Korenmolen De Hoop in Veen

Deze ronde stenen korenmolen werd in 1838 gebouwd voor Willem Ambrosius op de plaats waar voorheen ook een molen stond. De molen heeft jarenlang bedrijfsmatig meel gemalen. Ook is hij als pelmolen in gebruik geweest om gerst tot gort te pellen. De molen, die een tijdje in eigendom is geweest van de voormalige gemeente Veen is in 1965 overgegaan naar de Molenstichting Land van Heusden en Altena. De molen is nu in werking als korenmolen en als de wieken draaien kun je binnenlopen om de molen te bezichtigen. Je vind er ook een knus ingericht streekproductenwinkeltje.

8 Het Wijkerzand in Wijk en Aaburg

Langs de Maasijk in Wijk en Aalburg ligt het Wijkerzand. Het is een uiterwaard met niet alleen landschappelijke, maar ook met historische betekenis en een omvang van ongeveer 70 hectare. Het bijzondere is dat alle inwoners van Wijk, die daar geboren en getogen zijn, een gezamelijk eigenaarschap koesteren. In het kadaster worden ze nog altijd ‘inboorlingen’ genoemd. Het was Philips van Bourgondië die het gebied aan hen schonk, omdat de bewoners van Wijk in 1815 wisten te voorkomen dat het eigendom en het gebruik aan de gemeente verviel en er een steenfabrief gebouwd werd. Wijkenaren krijgen jaarlijks een deel van de opbrengst van het gebruik van de uiterwaard, waar vooral koeien grazen.

De molen is eco-gecertificeerd en maalt het meel voor bakkerijk Gerard en Suus even verderop in het dorp.

9 Molen De Twee Gebroeders in Wijk en Aalburg

Deze ronde stenen stellingkorenmolen werd in 1872 gebouwd op de plaats waar voorheen ook een molen stond. Lang werd er meel gemalen. Ooit was deze molen het voorbeeld van een moderne windmeelfabriek. De koningsspil kon zowel met windkracht als met een dieselmotor worden aangedreven. In de tweede wereldoorlog werd de molen zwaar beschadigd. De molen werd gerestaureerd en het bedrijfsmatig malen beëindigd. Na in handen te zijn geweest van diverse eigenaren ging het eigendom in 1968 over naar de Molenstichting Land van Heusden en Altena. Het is een rijksmomument dat inmiddels diverse keren is gerestaureerd.

10 Ornamenten Heusdense brug

De brug over de Bergsche Maas is de eerste betonnen tuibrug in Nederland. Op 28 juni 1990 werd deze door de commissaris van de Koningin, Frank Hoube, geopend. Het was niet de eerste brug die daar lag. Die werd in 1940 door de bezetter verwoest. Ter herinnering aan de eerste brug en ter ere van de viering van 100 jaar Bergsche Maas is aan de noordzijde van de rivier een monument opgericht. Het bestaat uit twee gerestaureerde lantaarnpalen die oorspronkelijk de brug sierden. Aan de Heusdense kant staan elementen van de tweede brug.

11 Vesting Heusden

Vestingstad Heusden heeft compleet gerestaureerde vestingwerken en 134 panden op de Monumentenlijst. Het stadje is ontstaan rondom een van de oudste waterburchten van Noordwest-Europa en was een van de eerste Hollandse steden die door een muur werd omringd. Na 1968 werd de vestingstad grondig gerestaureerd. Basis voor het herstel van dit culturele erfgoed was de kaart van Blaeu uit 1649. Hiermee behaalde Heusden in 1980 de hoogste Europese restauratieprijs ‘Urbus Nostrae’. In de karakteristieke oude straatjes en smalle steegjes vind je tal van eeuwenoude, goed bewaarde panden en gevels met fraaie gevelstenen. De vesting staat bekend om de kunst- en antiekzaken en galerieën, waarvan vele landelijke bekendheid hebben. Uitgaande van de schriftelijke bronnen, gaat de geschiedenis van Heusden terug tot begin 12e eeuw. Het vestingstadje ligt aan de Bergsche Maas. Adriaan Anthoniszn. van Alkmaar ontwierp de eerste vestingwerken waaronder de wallen, grachten, ravelijnen en bastions. Deze werden in de jaren die volgden steeds weer verbeterd en leverde Heusden de naam ‘onneembaar’ op. In de daarop volgende eeuwen wist Heusden deze reputatie hoog te houden.

12 Kasteel Nederhemert

Door het oversteken van de Bergsche Maas zijn we nu vanuit Noord-Brabant in Gelderland aangekomen. Kasteel Nederhemert is geheel gerestaureerd en als kantoor in gebruik. De woontoren is zo oorspronkelijk mogelijk gebleven. De overige delen zijn voorzien van pleisterwerk. Leef je hier ook even lekker uit in de meer dan 100 jaar oude speeltuin!

13 De Neswaarden in Aalst

De Neswaarden is een recreatiegebied in het dorp Aalst. Een schitterend stuk natuur met strand, ligweide, sportveldjes en een grote speeltuin. Het gebied is vrij toegankelijk voor iedereen en er is speciaal rekening gehouden met mindervaliden.

14 Batterij onder Poederoijen

De Batterij onder Poederoijen werd rond 1880 gebouwd als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Bij dreiging van oorlog zou het westelijk deel van de Bommelerwaard onder water worden gezet. Het geschut van de batterij moest de Maas controleren en de inundatiesluizen beschermen. De naastgelegen Brasserie De Buurman is een fijn rustpunt voor een hapje en een dranke en het maken van een ommetje.

15 Wilhelminasluis

Deze sluis, geopend in 1904 door koningin Wilhemina, ligt in een oude loop van de rivier de Maas, tussen Noord-

Brabant en Gelderland. De vaarweg vormt een verbinding tussen de Waal en de Bergsche Maas en draagt nu de naam Afgedamde Maas. Dit rijksmonument is de enige waaiersluis in Nederland met een ‘groene kolk’, wat inhoudt dat de wanden van de sluiskolk met gras bekleed zijn. Op dit punt ruilen we de Gelderse streken weer om voor het bourgondische Brabant.

Overzicht van al onze routes in de Nieuwe Hollandse Waterlinie

Tussen de rivieren Maas en Merwede ligt de Biesboschlinie, een eiland van rust tussen Holland en bourgondisch Brabant. De Biesboschlinie is weids, verstild en ruig en kenmerkt zich door de rijke variatie aan erfgoed. Je vindt er eeuwenoude boerderijen, kerken, molens en het meest zuidelijke deel van het grootste monument van Nederland: de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Mede door de rijke historie is het een fantastisch gebied om te fietsen, te wandelen en te varen. Door de centrale ligging biedt de streek een goede uitvalsbasis voor dagtrips naar bijvoorbeeld grote steden als Den Bosch, Utrecht of Breda. En wat te denken van een dagje Efteling of Kinderdijk. Wat je plannen ook zijn: voel je welkom! Hier begint jouw avontuur!

Rondje Boerenland 30 km

MONUMENTEN

DUSSEN

Kasteel Dussen, Binnen 1

Eind 14e eeuw werd de oorspronkelijke ‘donjon’, een vier verdiepingen hoge woontoren, uitgebouwd tot kasteel door diverse telgen van de familie van der Dussen. In de loop der tijd wisselde het kasteel regelmatig van eigenaar en werden door diverse (adelijke) families verdiepingen, aan- en uitbouwen en een Toscaanse zuilengalerij toegevoegd. Het kasteel heeft door de eeuwen heen veel tegenslag gekend, met als dieptepunten de St. Elisabethsvloed en diverse oorlogen. Van 1954 tot 1997 deed het kasteel dienst als gemeentehuis, daarna kwam het in handen van Monumenten Fonds Brabant.

Herenhuis, Binnen 34

Het fraaie herenhuis werd in 1860 eigenhandig gebouwd door gemeenteraadslid/timmerman/aannemer Kasper Haspels. Latere bewoners, waaronder notaris Rietstra en dokter Van Vuure, lieten diverse verbouwingen en aanpassingen uit- voeren. Ooit was het Binnen rijk aan monumentale bebou- wing. ’t Can Verkeere, zoals de spreuk boven de voordeur van Binnen 34 luidt, spreekt wat dat betreft boekdelen.

BABYLONIËNBROEK

T-boerderij, Hillsestraat 6 – 8

Fraaie boerderij van het zogenaamde Altenase dwarsdeel- type uit de 2e helft van de 19e eeuw. Dit, op een terp gelegen rijksmonument, is rijk aan karakteristieke kenmerken voor dit type boerderij, zoals de voordeuromlijsting, een schilddak op het woongedeelte en een zadeldak op de schuur, de zesruits ramen en de handgevormde baksteen.

Kortgevelboerderij, Hillsestraat 4

Eveneens een boerderij van het Altenase dwarsdeeltype uit de 19e eeuw. Dit is echter geen T-boerderij maar een kort-

gevelboerderij met een wolfsdak. Boven de deeldeuren is, om hoogte te winnen, het dak ‘gewipt’.

T-boerderij, Broeksestraat 77

Deze op een terp gebouwde boerderij van het middenlangs- type stamt uit de 18/19e eeuw. De muren zijn opgetrokken uit ijsselsteentjes, de strekken boven de ramen zijn uitgevoerd in rode baksteen.

UITWIJK

Krukhuis ‘De Heuvelhoeve’, Heulstraat 5

Een krukhuis of krukhuisboerderij is eigenlijk een T-boerderij waarbij het woongedeelte is uitgebreid zodat een L-vorm ontstaat. De Heuvelhoeve, met het kenmerkende trapje en siervazen bij de ingang, stamt uit 1750.

T-boerderij, Eng 2

De oudste nog oorspronkelijke elementen van deze prachtige boerderij stammen uit het begin van de 17e eeuw, misschien zelfs eind 16e eeuw. De oorspronkelijke boerderij was waar- schijnlijk van het Hallehuistype met uitgebouwde opkamer. Alleen de opkamer, de kelder en het bedrijfsgedeelte zijn bewaard gebleven, roetsporen op de houten spanten in

de schuur doen vermoeden dat door een brand de overige delen zijn verwoest. De verfijnde details van bijvoorbeeld de opkamerconstructie maken aannemelijk dat de boerderij in opdracht van een zeer welgestelde familie is gebouwd.

ALMKERK

Krukhuis ‘Clootwijckhoeve’, Woudrichemseweg 38

De oorspronkelijke hofstee die op deze plek stond, stamt uit 1418 en werd tijdens de St. Elisabethsvloed in 1421 geheel verwoest. Al in 1460 werden de eerste delen weer opgebouwd, maar het huidige voorste deel van deze boerderij dateert uit 1618, het achterste deel werd in 1797 gerealiseerd. In 1980 onderging de Clootwijckhoeve een ingrijpende renovatie.

‘Jagershof’, Uppelsehoek 26

Deze fraaie L-vormige op een terp gelegen (woon)boerderij stamt uit de 2e helft van de 19e eeuw en is één van de vele voorbeelden van goed geconserveerd erfgoed aan de

Uppelsehoek.

Villa-boerderij, Uppelsehoek 17

Achter de forse haag gaat een herenhuis schuil dat dateert uit 1880. De architectonische stijl van het herenhuis wordt geduid als eclectisch, wat aangeeft dat voor wat betreft de detaillering ‘geleend’ is uit verschillende andere (oude) bouwstijlen. De serre werd in 1930 toegevoegd. De oorspron- kelijke schuur is afgebroken en vervangen.

T-boerderij, Provincialeweg Zuid 65

In een wat onoverzichtelijke bocht (tip: stap vooral even af en loop langs het landweggetje een stukje omlaag) staat deze boederij uit de 19e eeuw. De toegepaste bakstenen, de deels gepotdekselde gevels, de ramen met kleine roedeverdeling en de levensboom boven de voordeur zijn kenmerkend voor de streek en het boerderijtype. Vanaf het landweggetje heeft u niet alleen goed zicht op de fraaie achterzijde, maar kunt u ook een blik werpen op de Kornsche Boezem en de karakteristieke molen.

De dijk gaat hier over in de ‘Korn’, een oude zeedijk.

Links en rechts treft u tal van beeldbepalende boerderijen, waaronder 9 Rijksmonumenten. Een weetje: de grond rechts van de dijk (richting westen) is zeeklei, een erfenis van

St. Elisabeth, de andere zijde is rivierklei.

DUSSEN

Dwarsdeelboerderij, Muilkerk 28

Ook aan het Muilkerk treft u tal van fraai gerestaureerde boerderijen aan. De dwarsdeelboerderij op no. 28, 2e helft 18e eeuw gebouwd, is daar een mooi voorbeeld van.

De schuiframen hebben een gevarieerde verdeling, zowel een twaalf-, zestien- als twintigruits verdeling komt voor.

NATUURGEBIEDEN

BABYLONIËBROEK

Pompveld

Begin jaren 60 is deze regio door grootschalige ruilverka- veling nagenoeg gladgestreken, een ramp voor natuur en landschap. Slechts één poldertje is de dans ontsprongen.

Het Pompveld is ongeveer 240 ha. groot, een reservaat van natte weilanden, grienden en populierenbossen, een oase van rust en stilte. Het Pompveld is niet vrij toegankelijk, wel kunt u om het Pompveld heen wandelen (6 km). Met een beetje geluk ziet u tijdens die wandeling reeën, haviken of zilverreigers. Wie u zeker niet zult zien, is de modderkruiper die zich in het water schuilhoudt. Centraal gelegen in het Pompveld wordt een historische eendenkooi in stand gehouden waar tijdens open dagen professionele kooikers aan de slag gaan.

DUSSEN

Kornsche Boezem

Met ongeveer 40 hectare een intiemer natuurgebied dat veel overeenkomsten kent met het Pompveld. Het is een oud boezemgebied dat vroeger als buffer diende voor overtollig water uit de polders. Om de natuur te behouden wordt het waterpeil kunstmatig hoog gehouden. De omwonenden noemen het natuurgebied ‘de kleine Biesbosch’. Op zaterdagmiddag is de Noordeveldsemolen (aan de noordoostkant van dit natuurgebied) geopend voor bezoek. De Kornsche Boezem is vrij toegankelijk.

Duyls Bos

Dit is een bos met meer! Het Duyls bos is een pareltje dat nog ontdekt moet worden. Je fietst of loopt er gemakkelijk aan voorbij zonder ooit te weten wat er schuilt tussen de bomen.

STREEKPRODUCTEN

UPPEL

Kolff Vleesvee V.O.F. Bloemweg 9

Hier wordt op een duurzame en extensieve manier vleesvee

gehouden. Een vleespakket bestellen of een rondleiding boeken

is mogelijk. Wel vooraf even bellen (06-20844542)

ALMKERK

Culinei, Uppelse Hoek 28

De scharrelkippen van dit bedrijf zijn meestal vanaf de weg te bewonderen. Verse eieren koop je vanuit de automaat.

Landgoed Clootwijck, Woudrichemseweg 38

Hier kunt u terecht voor honing, appelsap en confiture.

Op vrijdag en zaterdag wordt er ook biologisch brood verkocht van “Gerard en Suus” en is het terras geopend.

Wim & Co, Provincialeweg Zuid  34

In de onbemande winkel kun je, naar gelang het seizoen, diverse akkerbouwproducten kopen, zoals aardappelen, uien, wortelen, kolen, knolselderij en rode bieten.

DUSSEN

Klompenmakerij Den Dekker, Korn 28

Altijd al eens willen zien hoe klompen gemaakt worden? Bezoek de winkel en vindt daar alles op het gebied van klompen,

zoals souvenirs, relatiegeschenken en cadeauartikelen.

De Kracht van Bloemen, Hoek 39

Prachtige vers gesneden seizoensbloemen uit eigen kweektuin. Bezoek aan de tuin is mogelijk, maar wel graag op afspraak

(06-48275550).

BABYLONIËNBROEK

Landbouwbedrijf Den Hill, Hillsestraat 44a

Langs de weg vind je een onbemand kraampje waar gedurende het seizoen wisselende eigen oogst te koop wordt aangeboden.

Buffelgaard Verschure, Klaverplak 1

Hier worden Italiaanse waterbuffels gehouden en de producten worden verkocht in de boerderijwinkel. Je vindt er o.a. buffelvla, -yoghurt, -vlees en -mozzarella.

Op deze route treft u bijzondere monumenten aan. We hebben er een aantal uitgelicht en op de kaart aangegeven met een donkerblauwe ster.

NIEUWENDIJK

’t Kasteeltje

Alexander den Dekker laat in 1953 in Nieuwendijk een huis bouwen op de hoek van de Rijksweg en de Buitendijk, in de volksmond wordt het al snel ’t Kasteeltje genoemd vanwege de statige uitstraling van het pand. Den Dekker bezit veel grond in Nieuwendijk en de wijde omtrek. Bij de bouw wordt in het pand een pachtkamer met kluis ingericht, zo kan de pacht die de pachters komen betalen direct veilig in de kluis worden opgeborgen. Het familiewapen van Den Dekker hangt boven de schouw. Uit het geslacht Den Dekker stammen vele bestuurders; zo is Alexander dijkgraaf van één van de vele waterschappen. Hoewel de naam misschien anders doet vermoeden, is een dijkgraaf geen adellijke titel, maar iemand die waakt over de veiligheid van de dijken. Daar moet deze dijkgraaf veel vertrouwen in hebben gehad, bij de watersnoodramp van 1953 had het water immers nog tegen de Buitendijk gestaan.

ALMKERK

’t Hulpgat
De naam op de boerderij bij de gelijknamige camping vindt zijn oorsprong in de negentiende eeuw. Hulpgaten zijn bedoeld om bij een watervloed het water snel weer op het buitenwater te kunnen lozen. De hulpgaten zijn op meerdere plekken in de dijk aangelegd en herkenbaar omdat de dijk daar iets lager is. ’t Hulpgat ter hoogte van de camping kon in de 19e eeuw haar water lozen op het buitenwater via de Papsluis van 1815 in Nieuwendijk.

UPPEL

Botenoverzet
De botenoverzet is gebouwd bij de ruilverkaveling rond 1960. Ze werden gecombineerd met een stuw. Botenoverzetten komen nog maar zeer weinig voor, zijn zeer karakteristiek en vormen een opmerkelijk beeld in het landschap. Ze zijn bedoeld om de onderhoudsboot over de stuw te kunnen tillen.

Op deze route treft u een aantal waterlopen aan. We hebben er een aantal uitgelicht en op de kaart aangegeven met een aquablauwe ster

DUSSEN

Kornsche Boezem
Het in de Kornse Boezem verzamelde water werd in de middeleeuwen via de Kornse sluis naar buiten uitgeslagen, rechtstreeks de Biesbosch in. Een boezem is bedoeld om polderwater op te vangen en via een sluis te lozen op een rivier of buitenwater zoals hier naar de Biesbosch.

Wiel
De boerderij Dijk en Wielzicht aan de dijk tussen Almkerk en Dussen is een rijksmonument. De boerderij doet zijn naam eer aan, naast de boerderij ligt een wiel. Deze wielen langs dijken herinneren altijd aan dijkdoorbraken in het verleden. Ook vlakbij de watertoren in Uppel ligt een wiel langs de dijk.

Op deze route treft u gemalen en sluizen aan. We hebben er een aantal uitgelicht en op de kaart aangegeven met een gele en rode ster.

Door het graven van de Bergsche Maas zijn begin twintigste eeuw drie bijzonder fraaie gemalen gebouwd ‘in gevolge de wet tot verlegging van den Maasmond’.

Het gemaal de Drie Sluizen in Nieuwendijk ontving het water van drie aanvoerkanalen vanuit drie boezems. Aanvankelijk was het een stoomgemaal, maar in 1935 is over gegaan op elektrische bemaling tot aan de ruilverkaveling in de jaren zestig. Het  stoomgemaal wordt nu bewoond, net als de woningen die ooit werden gebouwd voor de machinist, de machinestoker en de stoker.

Het gemaal Bleekkil-Oostkil in Hank pompte het water weg door middel van elektriciteit en niet zoals gebruikelijk in die tijd met stoom. Zo kreeg Hank al aan het begin van de twintigste eeuw haar eigen elektriciteitscentrale. In de omliggende poldertjes werden 21 pompgemaaltjes gebouwd die werden aangedreven door elektriciteit van het gemaal. Op Buitendijk 140 staat nog zo’n pompgemaaltje uit 1902. Andere pompgemaaltjes staan verscholen in het bos langs het Akkerpad en bij de haven van Vissershang. Langs de dijk aan het Steurgat staan nu twee moderne gemalen. Aan weerszijden van het gemaal Bleekkil liggen de Vierbanse en de Hillegatse sluis. De Vierbanse sluis ligt naast pompgemaaltje op Buitendijk 140 en is nog nauwelijks zichtbaar. Op de HIllegatse sluis  prijkt het jaartal 1699, het is daarmee één van de oudste gemetselde bouwwerken in de dijk van 1646.

Wie even afstapt bij het haventje aan de Peereboom ziet een glimp van de Bergsche Maas, het grootse waterwerk uit de 19e eeuw. De polderwerkers zwoegden voor de verlegging van de Maasmond nog met schop en kruiwagen. Het stoomscheprad-gemaal aan de Peereboom werd net als de andere gemalen in Hank en Nieuwendijk in gebruik genomen in 1902 en deed dienst tot de ruilverkaveling.  Van het complex resteert alleen nog de machinistenwoning, het gemaal is in de jaren tachtig gesloopt.

Op deze route treft u een aantal molens aan. We hebben er een aantal uitgelicht  en op de kaart aangegeven met een groene ster

Molens
In de polders langs de drie dijken staan een aantal watermolens; de Vervoornemolen, de Zuid-Hollandse molen, de Noordeveldse molen, de Doornse molen, de Zandwijkse en Uitwijkse molen. Bij de Zandwijkse en Uitwijkse molen staat langs het Liniepad ook nog het Rijswijks gemaaltje. Het is gebouwd na  het afbranden van één van de zeven molens van de Zevenbansche Boezem. De molens maalden met windkracht onze polders droog, maar verloren in de jaren zestig van de vorige eeuw voorgoed hun functie. Draaien kunnen de molens nog wel, maar dat is meer voor de sier. Zie je de wieken draaien in de wind? Stap dan gerust even af, de molenaars vertellen graag over hun molen.

Op deze route treft u militair erfgoed aan. De forten staan op de kaart aangegeven als startpunt

Nieuwe Hollandse Waterlinie
Terwijl de dijken in de voorbije eeuwen zijn gebouwd om het water te weren, passeer je onderweg ook delen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie met militaire monumenten die het water omarmden. Bijzonder is de Papsluis op de fietsdijk nabij Fort Bakkerskil. Deze sluis uit 1815 ligt als een vis op het droge, midden in het polderlandschap en herinnert zo aan de tijd dat de Biesbosch nog niet zo ver was ingepolderd. De Papsluis is de meest zuidelijke inlaatsluis van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Deze waaiersluis kon zowel bij hoog als laag Biesbosch water worden opengezet om het land onder water te kunnen zetten (inunderen). Fort Bakkerskil is gebouwd om de Papsluis te beschermen en ligt op schootsafstand van de sluis. Fort Altena is het grootste fort van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, het oudste deel is gebouwd in 1847. Zowel Fort Altena als Fort Bakkerskil zijn nu oases van rust waar het op het terras goed toeven is. Maar ooit vonden hier in tijden van oorlogsdreiging de soldaten onderdak. Nog een bijzonder onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn de betonnen schuilplaatsen die zijn gebouwd vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Ze boden onderdak aan soldaten die in het open veld liepen.

Nieuw, nieuwer, nieuwst 1461, 1646, 1970
De Sint Elisabetsvloed van 1421 maakt van grote delen van de Biesboschlinie één grote binnenzee. Het landschap in de wijde omgeving ligt er troosteloos bij. Pas rond 1450 valt een deel van het land droog, zodat begonnen wordt met de inpoldering van het gebied door de aanleg van een nieuwe dijk vanaf Woudrichem via Werkendam naar Dussen. De dijk is in 1461 gereed en krijgt vele verschillende namen, zoals de Oude Zeedijk in Dussen. Nog altijd vormt de dijk de grens tussen zeeklei en rivierklei.

Maar ook na de aanleg van deze dijk blijven de polderwerkers en de boeren het land terugwinnen op de zee. Zo wordt in 1646 de ‘Nieuwe’ dijk aangelegd vanaf de Schans in Werkendam via Hank verder richting Dussen. Langs de nieuwe dijk ontstaan daarna de dorpen Nieuwendijk en Hank.

Voorlopig sluitstuk van de inpoldering van dit deel van de Biesbosch is de aanleg van de Steurgatdijk tussen Werkendam en Hank bij de ruilverkaveling van de Oostwaard. De Bruine Kil, de Bakkerskil, Bleeke Kil en Oostkil worden in de jaren zestig van de twintigste eeuw afgesloten.  En zo verdwijnen eb en vloed uit het gebied, maar de sporen van het water zijn nog altijd terug te vinden op de drie dijken van het herwonnen land.

Overzicht van al onze routes in de Nieuwe Hollandse Waterlinie

 

Fietsen & Verhalen langs de Linie

Je bent in het meest zuidelijke deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Je vindt hier de grootste verzameling schuilplaatsen uit WO1 van Nederland. Lange tijd waren vele van deze schuilplaatsen niet zichtbaar aanwezig in het landschap. Sommige waren zelfs geheel verdwenen onder de grond. Boeren die zo’n schuilplaats kwijt wilden, groeven een gat en daar werd de sta-in-de-weg ingekieperd. Andere gebruikten het als varkenskot of maakten van losse delen een bloembak.

Rond 2009 werden de schuilplaatsen, en de historische waarde ervan, herontdekt. Erfgoed Altena pakte het project om de schuilplaatsen zichtbaar te maken enthousiast op. Geholpen door Arie Schouten van de Menno van Coehoorn Stichting en gedreven door Kees van Maastrigt (die een boek schreef over de mobilisatie in deze streek), werden meer schuilplaatsen ontdekt die samen met de forten, luisterputten, sluizen en loopgraven de WO1 linie vormden; een unieke manier van landsverdediging. Delen van het land konden worden geïnundeerd, ofwel onderwater worden gezet om de vijand tegen te houden. In WO1 is Nederland neutraal gebleven en was het leger wel gemobiliseerd, maar niet in oorlog. In WO2 is Nederland vijf jaar bezet geweest door het Duitse leger.

Meer weten over de Nieuwe Hollandse Waterlinie? Bezoek dan Fort Giessen en het daarnaast gelegen educatiepark. Check vooraf de actuele openingstijden op www.forten.nl

Overzicht van al onze routes in de Nieuwe Hollandse Waterlinie

We leggen ons oor te luister bij fragment 6 van de audiotour:

Intussen ... op het militair bureau ...

Het militair bureau in Uitwijk was niet het enige in de streek. Ieder dorp langs de linie had een militair bureau.  Er werkten ambtenaren die schrijvers werden genoemd.  Zij regelden er zaken voor de gelegerde militairen, zoals bijvoorbeeld verlof en de soldij (het salaris).

Op het militair bureau was bekend welke soldaat waar te vinden was. Misschien op een fort, in de boerenschuur aan de Koppel, in een kampement of zelfs ingekwartierd bij burgers. Brieven van thuis konden snel op de plaats van bestemming afgeleverd worden. 

Op zo’n militair bureau werkte ook altijd een telegrafist. Met een telegraaf, die tekens omzette in een elektrisch aan-uitsignaal, werd informatie zonder tijdsverschil over grote afstanden verstuurd; het telegram.

Niet altijd werd gebruik gemaakt van zulke moderne technieken. Op elke plaats waar een commandant gelegerd was,  vond je ook een duivenpost. Mede omdat er nog niet overal telefoonkabels aangelegd waren, was de postduif juist een veelgebruikte vorm van communicatie. Het versturen van een ansichtkaartje is iets van alle tijden. Een week na het begin van de mobilisatie stuurde  een soldaat al zijn eerste kaart naar huis. In telegramstijl, dat wel, en hij deed dat om er zoveel mogelijk informatie op te kunnen zetten.

  1. FORT BAKKERSKIL (1879)

Werk aan de Bakkerskil, of kortweg Fort Bakkerskil, is één van vier forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie in de Biesboschlinie. Het fort diende als bescherming van de zuidelijk gelegen inundatiesluis, de Papsluis. Deze zette delen van de Biesboschlinie onderwater met als doel het politieke en economische hart van ons land te beschermen.

  1. FORT ALTENA (1847)

Wie Fort Altena van boven bekijkt, ziet iets opmerkelijks dat we te danken hebben aan Napoleon. Hij legde een weg om het fort heen, de huidige A27 kon deze bocht niet maken en loopt nu dwars over het fortterrein. Het oudste deel van het complex is het torenfort. Ronde muren zijn namelijk sterker dan rechte muren en beter bestand tegen beschietingen. Om het torenfort lag een gracht. De contouren hiervan zijn in de bestrating voor de ingang van het torenfort aangebracht. Fort Altena is het langste fort van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, 420 meter lang!

  1. FORT GIESSEN (1878)

Voor de bouw van fort Giessen werd een tijdelijk smalspoorlijntje aangelegd om bouwmateriaal aan te voeren. Dit kwam per schip via de Maas bij Andel.

Dit fort ligt als één van de weinige forten buiten het inundatiegebied. Dat komt omdat het fort op een stroomrug gebouwd is. In het op het eerste gezicht vlakke polderlandschap komen stroomruggen voor die één tot twee meter hoger liggen dan de rest van de polder. Om als vooruitgeschoven post de artillerie op afstand van Woudrichem en Loevestein te houden, werd fort Giessen op zo’n stroomrug gebouwd.

  1. FORT STEURGAT (1880)

In dit fort wordt nu gewoond, maar in tijden van mobilisatie bood het plaats aan 184 soldaten en 1 wasvrouw. Voor haar was een apart vertrek gereserveerd.

Soldaten die op het fort gelegerd waren, mochten culturele voorstellingen bijwonen in het dorp Werkendam. Leden van De maatschappij tot Nut van ’t Algemeen mochten elk drie militairen meenemen. Er ontsproten liefdes tussen de jongelingen. Zo trouwde Pieter Post uit het Friese Moddergat een Werkendamse schone. De dochter van dit echtpaar is een bekendheid geworden op de Nederlandse televisie. Grietje Post blijft voor altijd verbonden met het programma Man bijt Hond

  1. VESTINGSTAD WOUDRICHEM (866)

In de volksmond wordt deze eeuwenoude vestingstad Woerekum genoemd. Het ligt op een strategisch punt aan de samenvloeiing van de Maas en de Waal op de grens van Zuid-Holland, Gelderland en Noord-Brabant.

De stad ontstond op een oeverwal van de rivier (de huidige Hoogstraat). Onder de naam UUalricheshem wordt rond het jaar 866 voor het eerst geproken over het huidige Woudrichem. De vesting is nog grotendeels in takt. Het is onmogelijk om er te verdwalen, met de grote 16e eeuwse toren als ijk- en middelpunt van de stad.

  1. INUNDATIESLUIZEN (1815)

Er zijn twee inundatiesluizen in de Biesboschlinie. Inunderen is het opzettelijk onderwater zetten van land. Het water was diep genoeg om er niet te kunnen lopen en te ondiep om er te varen. De linie kreeg de titel: het geheime wapen van Nederland, maar werd teniet gedaan doordat aanvallende troepen niet langer over land, maar ook door de lucht kwamen.

Overzicht van al onze routes in de Nieuwe Hollandse Waterlinie

 

‘Dorpen en polders in weidsheid omsloten’

Een dijk van een fietstocht

Wat is een eiland zonder dijken?
Onvoorstelbaar toch? En precies daar ben je!
Op een eiland, omringd door rivier- en oude zeedijken.

Het unieke aan deze tocht is dat 99,9 % van de tijd over de dijk gaat. En wel over de mooiste dijken van Nederland! Je komt door ondermeer een historische vestingstad en langs een van de grootste binnenvaarthavens in Europa. Geniet van stoere vergezichten op de aldoor veranderende rivieren, het zicht op het kasteel waar Hugo de Groot uit wist te ontsnappen, de eeuwenoude molens en de monumentale boerderijen.

Alleen via een brug of een veerpont is de Biesboschlinie te bereiken. Vaak heb je er niet eens erg in dat je over het water hiernaartoe bent gekomen. Pas wanneer je hier bent, vallen je wellicht de vele dijken op. Ze meanderen mee met de rivieren en wanneer je eroverheen fietst, biedt een dijk je een prachtig podium om van het uitzicht te genieten.

Tijdens het rondje door de Biesboschlinie heb je uitzicht over de Merwede, de Maas, het Heus-dens Kanaal, de Bergsche Maas en de kreken in Nationaal Park De Biesbosch: Jeppegat en Steurgat.

Start waar je wilt en maak je eigen reis door de Biesboschlinie.

 

Ode aan het eiland

Sonnet van Altena

Waar de rivieren uw grenzen bewaken

waar pont of brug aarz´lend toegang verleent

waar harde werkers nooit arbeid verzaken

daar waar om stormvloed en ramp werd geweend

Graven en ridders bewoonden uw velden

Bouwden hun blokhuis en eisten er tol

Gij liet zich in de annalen vermelden

waardig, maar soms ook als deugnietenhol

Nu wordt, mijn Altena, enkel genoten

van alle schoonheid die gij altoos biedt

Dorpen en polders in weidsheid omsloten

Nooit meer een front in het opmarsgebied

Vijand en tolheffers hebt ge verstoten

Voltreffer, kleiland, robuust als graniet!

© Lizzy van Pelt

 

linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram