Bourgondisch genieten in Altena

Prisca Visser is een fotograaf met als voorliefde het buitenleven en de natuur. Voor de Biesboschlinie gaat zij de komende tijd op pad om verhalen vast te leggen. Ze neemt je mee door de polders, gaat op bezoek bij ondernemers en natuurlijk het water op! Hier schrijft ze korte stukjes over, zodat jij de verborgen parels in Altena leert kennen.

Er staat een onstuimige wind deze ochtend als ik aankom in Altena, af en toe brengt hij een bui met zich mee. Dit gebied was vroeger onderdeel van het Hertogdom Brabant waar aan het hof het bourgondische leven is ontstaan. Het hofleven draaide om luxe en overdaad maar heeft het bourgondische genieten zich aangepast aan het verstrijken van de tijd? Ik ga op pad om te ontdekken of het nog terug te vinden is in het dagelijkse leven op Altena.

Hoog boven de woningen van Wijk en Aalburg steken de wieken van korenmolen de Twee Gebroeders uit, ze draaien enthousiast hun rondjes. Binnen ruikt het er heerlijk naar verse koffie, molenaar Sven verwacht mij al. Met een mok in de hand begint Sven te vertellen. De molen heeft een rijke geschiedenis en die is niet louter positief. In de Tweede Wereldoorlog liep de molen behoorlijke schietschade op. Na meerdere grondige restauraties is de molen sinds 2016 weer functioneel.

Sven gaat mij voor de smalle, houten trappen op naar boven en geeft onderweg uitleg over het proces. Niets gaat verloren blijkt op de graanzolder, na het zeven van het meel blijven er zemelen over die weer apart verkocht worden. Sven laat op de galerij zien hoe snel hij de wieken af kan remmen. Het uitzicht hier buiten is werkelijk prachtig. De Afgedamde Maas maakt een draai en de zon glinstert op het water. Een zeilschip glijdt rustig tussen de dampende oevers door.

Hoger en hoger klimmen we de molen in, tot we in de kap staan. De wind trekt aan, de as en raderen kraken dat het een lust is. Het roept een oergevoel op om met gebruik van een natuurkracht voedsel te produceren. De korenmolen maalt uitsluitend biologisch meel en heeft daar ook een certificaat voor gekregen. Alle lijntjes worden zo kort mogelijk gehouden. Zo is er een boer in de omgeving die bio tarwe verbouwt en neemt bakkerij Hardeman het biologische meel af voor zijn broden.

De dijk af, een zijstraat in en ik sta voor Bakkerij Hardeman. Zo dicht bij de molen is het dus! Gerard en Suus zijn een begrip in de omstreken. Met glimmende ogen vol passie, geeft Gerard mij een kijkje in de bakkerij waar een zachte geur van gist mijn neus in kringelt. Op hoge rekken staan de oranje rijsmandjes opgesteld. De bakkers laten het brood lang rijzen, dit komt de smaak ten goede. Daarmee moeten ze goed samenwerken met het weer. Is de luchtvochtigheid hoog in de zomer? Dan zal het brood sneller rijzen.

Nadat er een moment in zijn leven kwam dat hij het roer compleet omgooide, is Gerard begonnen met een kleine bakkerij. Alles wat er uit zijn handen komt, is biologisch, geen toevoegingen of gemanipuleerde grondstoffen. Het ging verder dan alleen brood bakken. Samen met Suus verdiepte hij zich in brood zonder gluten. Door te pionieren in dit landschap en ontdekkingen te doen, is hij nu wereldwijd een veel gevraagd instructeur. Daaruit vloeide de Dutch Baking School. Naast de bakkerij is een kleine ruimte gerealiseerd waar onderricht wordt gegeven over biologisch en glutenvrij bakken.

Naast de maaltijd met brood kwam er vroeger altijd een kruik bier op tafel te staan. Het bier was langer houdbaar en veel schoner dan drinkwater. Kunnen we ons nu niets meer bij voorstellen. In het Land van Altena waren er veel brouwerijen. En wat had je toen nodig om een lekker bier te brouwen? Hop!

De hop werd in dit gebied geteeld in zogenaamde hopkuilen en langs hoge staken omhoog geleid. Om deze oude hophoven weer te introduceren in het huidige landschap, is er een organisatie met kennis en kunde ingezet. Op meer dan 15 locaties kun je nu hopstaken tegen komen. Ik heb er zelf eentje ontdekt, pal naast de molen.

Het goudkleurige en bruisende bier is nog altijd een geliefde drank. Bier brouwen deed Hans Anton al als hobby. Toen de gelegenheid zich voordeed, besloot hij om samen met zijn broer een bierbrouwerij te starten. Het plan was om dat in een loods te doen, maar die bleek al snel te weinig ruimte te bieden. Een oude en vervallen boerderij kwam op hun pad. Een flinke verbouwing later en Magistraat is een feit.

Het is nog rustig als ik het terrein van de brouwerij in Almkerk binnenloop. Een flinke hoosbui heeft het terras schoongespoeld. Er stijgt een rookpluim uit een aangrenzend schuurtje, wat een knusse plek zo tussen het groen. Hans Anton neemt mij mee naar de etage boven het eetgedeelte. Vanaf hier heb je prachtig overzicht over de brouwerij. Ik krijg uitleg over het proces van het brouwen. Wat eerst een losse verzameling van vaten en buizen leek, blijkt een doordacht systeem te zijn. Het allerleukste is bij Magistraat dat je echt in de brouwerij aan tafel kunt met een biertje en een heerlijke maaltijd. Een aantal tafels zijn door Hans Anton zelf vervaardigd uit een grote notenboom die in de buurt stond.

Mijn lunch bestaat uit een knapperig broodje met huis gerookte zalm. Blijkt dat dat gezellige rookpluimpje naast het terras een smoker is. Mijn fruitbiertje past er perfect bij. Genieten met een hoofdletter!

Als iemand zalmvisserij noemt, denk ik meteen aan Woudrichem. Niet zo gek, want voorheen barstte de rivier van de zalm. Het wapen van 'Woerkum' heeft niet voor niets twee zalmen. De vissen werden gevangen en op de zalmschouwen naar de haven gesleept. Nadat de rivier vervuilde en de visstand achteruit ging, werd er ook minder gevist. De haven slipte dicht en verwerd tot een zandstrand.

Om de rivier meer ruimte te geven bij hoog water, werd eind jaren '90 de historische haven weer uitgegraven en in ere hersteld. Er zijn aanlegsteigers voor passanten, maar ook een restaurant en werfterrein. Drijvend op het water vind je de werfschuur D'n Hûig. Veel minder bekend dan het Visserijmuseum, maar ook deze schuur is te bezoeken.

Er overvalt mij direct een huiselijk gevoel als ik binnenstap. De houten werkplaats is ingericht met grote werkbanken en midden in de ruimte liggen twee masten op schragen. Het is duidelijk dat deze werkplaats naast museum ook functioneel is. De muren zijn bedekt met allerhande werktuigen en gereedschap. Winkelhaken hangen netjes gesorteerd onder een lange plank die bijna doorbuigt onder het gewicht van een reeks oude scheepslampen. In een hoek is een stenen smidse ingericht. Langs het plafond zie ik de blaasbalg die gebruikt wordt om het vuur op hitte te krijgen, het aambeeld staat er naast. "Jazeker", zegt Arjan (bestuurslid Historische Haven) op mijn vraag of deze gebruikt worden. Wie het nodig heeft voor onderhoud van een schip kan er bij ons gebruik van maken.

Arjan gaat een deur door die ik nog niet gezien had. Erachter blijkt een keuken te zitten die helemaal op maat gemaakt is naar voorbeelden van vroeger. Zachtgroene kastdeurtjes, tegeltjes met Oud-Hollands motief en een houtkachel om de boel warm te houden in de winter. Na samen aan tafel gekletst te hebben vraagt hij of ik het een goed idee vind om een rondje te varen. Voor een boottocht ben ik altijd te porren. Gelukkig is het precies droog geworden buiten.

We stappen zijn platbodem schuit op en varen rustig de historische haven door langs de authentieke zalmschouwen die zo kenmerkend zijn voor deze regio. Vroeger werd er mee gevist, nu zijn er nog liefhebbers die er eentje bezitten. Zachtjes dobberen ze aan de steiger als we voorbij varen, de huik hoog opgetrokken om een deel van de schuit droog te houden bij regen.

Het waait nog steeds stevig en de boot duikt de golven van de Boven-Merwede op. Een platbodem schuit is zo stabiel dat ze zelfs zeewaardig is. Zorgen maak ik mij niet met een ervaren schipper als Arjan aan de helmstok. Het opspattende water stuift om ons heen, de zon droogt het weer op. Veel te snel naar mijn zin, is het tijd om terug te keren.

Voordat we de haven indraaien, leggen we aan bij de steiger voor de Rijkswal van Woudrichem. De vissers groeten ons en laten een paar kleine vissen zien die ze gevangen hebben. Zelf gaan we een visje eten bij de viskar van Wiljo Struik. Na jaren op het water gezeten te hebben als visser, heeft hij nu een goedlopende vishandel. Op de vraag wat er lokaal veel gegeten wordt, krijg ik het antwoord dat dat toch wel de gebakken poon is. Wiljo maakt er eentje voor ons klaar, knapperig van buiten en boterzacht van binnen.

Gezellig is het er ook, iedereen kent elkaar. Een voorbij komend binnenvaartschip is onderwerp van het gesprek. "In bezit geweest van familie, zegt een oudere dame die staat te wachten op haar beurt. Oh ja, daar ben ik vaak op mee geweest. Schitterend. Nu is het verkocht en heeft het een andere naam en eigenaar. Zo gaat dat op het water."

Het bourgondische leven ligt nog heel duidelijk aan het oppervlak, al geeft een ieder daar een eigen invulling aan. Het draait niet meer om overvloed en zwaarbeladen tafels. De kneep zit 'm in de liefde en focus op kleine genietmomenten. Voor de een is dat met alle aandacht een prachtig brood creëren samen met lokale ondernemers. Voor de ander betekent het genieten van een zelf gebrouwen biertje of met een schuit het water op.

Wil jij dezelfde roadtrip maken als Prisca? Hier vind je een overzicht van de locaties die zij bezocht:

- Molen de Twee Gebroeders, open wanneer de wieken draaien of op afspraak
- Bakkerij Hardeman
- De hophoven staan op meer dan 15 locaties. Prisca ging langs bij de hopstaak naast molen de Twee Gebroeders en bij voetveer Boven 't Gat
- Bierbrouwerij de Magistraat
- Werfschuur D'n Hûig
- Viskar op de Bol van Wiljo Struik

Tekst en foto's: www.priscavisser.nl. Hier vind je alle blogs van Prisca.

linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram